Boek "Oorlog en brein"

Ben van Cranenburgh

Opgehaald

380
12% bereikt van mijn streefbedrag € 3.000

Nog te gaan:

Ben van Cranenburgh is neurowetenschapper en auteur van het boek: Oorlog en brein. Over de invloed van rampspoed op onze hersenen. Ben steunt ons werk voor kinderen in oorlog door de helft van de opbrengst van zijn boek te doneren aan War Child!

Het boekje is te verkrijgen in iedere (online) boekhandel (zoals bijv. via bol.com). Door het kopen en lezen van dit boekje krijgt u meer inzicht in “oorlogskinderen” en steunt u tegelijk het werk van War Child. Wilt u naast het kopen van het boeken zelf nog een donatie doen aan War Child dan kan dat via deze pagina door naar de Doneer Nu knop te gaan. (NB: de verkoop van het boek loopt dus niet via deze pagina, het boek is te verkrijgen via iedere (online) boekhandel). 

Inzicht in de invloed van oorlog en rampspoed op het kinderbrein

In dit boekje komt ook herhaaldelijk aan de orde hoe het kinderbrein reageert op oorlog en rampspoed.

Een kind kan in de eerste levensjaren ongelofelijk veel leren. Het kan zich aanpassen aan uiteenlopende leefomgevingen: drukke stad, bergdorp, koud of warm klimaat, rijkdom of armoede en nog veel meer. Een kind leert moeiteloos 3 talen tegelijk. Daar kunnen we soms heel jaloers op zijn.

Het kinderbrein is dus bijzonder plastisch; dat wil zeggen dat al die zenuwnetwerken specifiek kunnen veranderen zodat leerprocessen en aanpassing aan de omgeving mogelijk worden. In de eerste levensjaren zijn er zgn. kritische perioden waarin die neurale netwerken extra gevoelig zijn voor omgevingsinvloeden. Jonge poesjes die opgroeien in een omgeving waarin alleen horizontale contrastlijnen aanwezig zijn, blijken later grote moeite te hebben om verticale lijnen te zien: ze lopen tegen paaltjes op. Kinderen die nooit geknuffeld zijn, hebben later moeite met hechting. Dergelijke problemen kunnen zeer hardnekkig zijn.

Oorlogsbrein in overlevingsstand

Die enorme plasticiteit van het kinderbrein heeft dus twee kanten: aan de ene kant leert het kind allerlei vaardigheden die nodig zijn om te overleven in een specifieke context, aan de andere kant kunnen oorlog en andere rampspoed definitieve sporen in het kinderbrein achterlaten. Het “oorlogsbrein” heeft neurale netwerken ontwikkeld die in de oorlog evident nuttig zijn: licht slapen, grote oplettendheid, overgevoeligheid voor prikkels, schrik- en angstreacties, neiging tot wantrouwen. Eenmaal in een veilige wereld, zijn deze eigenschappen contraproductief en veroorzaken problemen en lijdensdruk.

Het is zaak om in een zo vroeg mogelijk stadium een effectieve tegenkracht te bieden: een veilige omgeving met gewenste bezigheden waardoor het kind zich kan ontplooien. “Retuning the brain”: er vormen zich nieuwe neurale netwerken en/of dysfunctionele netwerken worden “overstemd”. Dat is waar War Child zich intensief mee bezighoudt. In het boek vindt u meer achtergrondinformatie hierover.

PERSBERICHT (Nov 2021): Boek Oorlog en brein schetst impact rampspoed op hersenen vluchtelingen

Neurowetenschapper Ben van Cranenburgh pleit voor ruimhartiger en menselijker opvang

HAARLEM, 20 november 2021 – Een beter begrip van de invloed van oorlog, hongersnood en andere rampspoed op de hersenen van slachtoffers en vluchtelingen kan de opvang, hulpverlening en de behandeling van posttraumatische stressstoornis (PTSS) aanzienlijk verbeteren. Met dat doel heeft neurowetenschapper Ben van Cranenburgh het boek Oorlog en brein geschreven.

Het boek is geschreven voor een breed publiek: vluchtelingen, slachtoffers, veteranen, zorgverleners, beleidsmakers, politici en geïnteresseerden. Van Cranenburgh beschrijft hoe oorlog, droogte, hongersnood, overstromingen, epidemieën, mishandeling, seksueel geweld en andere vormen van rampspoed een specifieke invloed hebben op het brein.

Neurale netwerken passen zich aan, zodat het gedrag afgestemd wordt op de situatie. Zo zijn mensen in een bedreigende oorlogsomgeving super waakzaam en slapen ze licht. Ze zijn overgevoelig voor prikkels, zijn bij het minste of geringste angstig, gaan uit van een worstcasescenario en vertrouwen niemand. In oorlog zijn deze verschijnselen evident nuttig, maar eenmaal terug in de veilige wereld kan zich dit tegen hen keren. Dat kan dan leiden tot een posttraumatische stressstoornis (PTSS). Dat is volgens Van Cranenburgh een klachtenpatroon dat logisch voortkomt uit de invloed die rampspoed op het brein heeft. PTSS is daarmee geen ziekte in de medische zin, maar is een klachtenpatroon dat vanuit meerdere perspectieven moet worden bezien.

In het boek wordt uitgelegd welke impact rampspoed op het brein heeft en welke suggesties de neurowetenschappen bieden om PTSS ten goede te keren. Daarmee biedt het nuttige inzichten voor slachtoffers, naasten en hulpverleners. ,,Wanneer we de invloed van rampspoed op onze hersenen beter begrijpen, kan onze hulpverlening aan slachtoffers en vluchtelingen aanzienlijk verbeteren. Je kunt een kind uit de oorlog halen, maar daarmee haal je nog niet de oorlog uit het kind”, zegt Van Cranenburgh.

Het aantal vluchtelingen in Nederland is de laatste tien jaar verdubbeld. Wereldwijd zijn 80 miljoen mensen op zoek naar een veilige plek. Vaak worden ze onder erbarmelijke omstandigheden opgevangen in buurlanden. Een klein deel weet het rijke westen te bereiken. Nederland vangt per jaar 10.000 à 15.000 vluchtelingen op. In zijn boek pleit Van Cranenburgh voor minder kleinzieligheid en meer ruimhartigheid en menselijkheid in de opvang van vluchtelingen. ,,Het is nodig dat wij begrijpen wat deze mensen hebben moeten doormaken en welke invloed dat heeft op hun persoonlijkheid en gedrag. Mensen opsluiten achter prikkeldraad en onderwerpen aan slopende asielprocedures vergroot nog eens extra de toch al nadelige gevolgen van traumatische ervaringen”, stelt hij. ,,Daarom zeg ik: bied vluchtelingen een veilige, prettige en leerrijke omgeving waarin ze zich kunnen ontplooien door zinvolle en gewenste bezigheden.”

Ben van Cranenburgh (Haarlem, 1945) houdt zich intensief bezig met de praktische toepassing van neurowetenschappelijke inzichten. Daarmee probeert hij de kloof tussen wetenschap en praktijk te overbruggen. Dit kan een bron van inspiratie zijn, bijvoorbeeld op het gebied van de ontwikkeling van kind tot volwassene, de aanpak van chronische pijn, de uiteenlopende gevolgen van hersenaandoeningen en mogelijkheden van herstel (beroerte, trauma), het leren van motorische vaardigheden (sport, muziek, dans) en de invloed van leefstijl op ons brein. Van Cranenburgh schreef daarover diverse boeken.

In zijn nieuwe boek breekt hij een lans voor een betere opvang van vluchtelingen. ,,Mensen stappen in gevaarlijke rubberbootjes en proberen de overkant te bereiken. Dat doen ze echt niet voor hun lol. Ze vluchten weg van een gevaarlijke of uitzichtloze situatie en zijn bereid grote risico’s te nemen om voor zichzelf en hun kinderen een kansrijk bestaan te vinden. Voedsel, geld, gezondheid en leed zijn zeer ongelijk verdeeld in onze wereld. Beschaving zou ook moeten betekenen dat wij ons inzetten voor een eerlijkere verdeling, vluchtelingen een veilige leefwereld bieden en actief meewerken aan gezinshereniging. De recente coronacrisis toont aan dat geld geen beperkende factor is”, stelt hij.

Oorlog en brein is een uitgave van ‘Toegepaste Neurowetenschappen’. 
EINDE PERSBERICHT

 

Meer informatie over de activiteiten van Ben van Cranenburgh op het gebied van de toegepaste neurowetenschappen: www.neuroben.nl 

Interview Radio 1 november 2021:

https://www.nporadio1.nl/fragmenten/nos-radio-1-journaal/8f5afc1f-cb8f-43b9-bf45-04e0ce2c63a7/2021-12-06-de-invloed-van-oorlog-op-het-brein